De volgende tekst is deels (pag 62 -64) overgenomen vanuit 221402PUB.PDF de Radboud Repository van de Radboud Universiteit Nijmegen,  de inhoud is gegenereerd op 2021-11-14 en kan onderhevig zijn aan veranderingen. Voor het complete onderzoek klik hier.

 

Dit hoofdstuk 5 vat alle bevindingen van de vorige hoofdstukken samen en schetst de betekenis ervan voor evenementen.

5.1 Aanleiding

Op 15 maart 2020 heeft de Nederlandse regering besloten tot zware maatregelen in de aanpak van het nieuwe coronavirus. Onder andere scholen, kinderdagverblijven, sport- en fitnessclubs en eet- en drinkgelegenheden moesten op 16 maart hun deuren sluiten. Kort ervoor werden bedrijven opgeroepen om medewerkers zoveel mogelijk thuis te laten werken en moesten evenementen en concerten met meer dan 100 bezoekers worden afgelast.
Dat het coronavirus een potentieel grote dreiging voor de volksgezondheid betekende medio maart stond en staat niet ter discussie. Een reactie van de Nederlandse overheid was op basis van wat toen bekend was onafwendbaar.
Bijna precies vijf maanden na afkondiging van deze zware maatregelen is er echter nog steeds veel onduidelijkheid over de feiten waarop het Nederlandse beleid op dit moment op gebaseerd is. Concertorganisator Mojo heeft Crisislab daarom gevraagd om de feiten zoals die nu in de wetenschappelijke literatuur bekend zijn op een rij te zetten. In het bijzonder is Mojo geïnteresseerd wat hiervan de betekenis is voor buiten- en binnenevenementen.
Voor Crisislab past deze opdracht bij haar doelstelling om kennis op het domein van proportioneel veiligheidsbeleid te ontwikkelen en te verspreiden omdat momenteel feiten vaak ontbreken bij beleidsvorming en discussies op het terrein van het besturen van veiligheid. Het betekent ook dat we openstaan voor nieuwe inzichten over bijvoorbeeld de berekeningen die wij, als eerste, in dit rapport gemaakt hebben om te kunnen bepalen wat redelijk beleid zou kunnen zijn.

Hieronder geven wij per thema aan

a) wat de bevindingen van de literatuur zijn en b) wat volgens ons de implicaties voor het al dan niet voldoende veilig organiseren van evenementen zijn. De gepresenteerde bevindingen komen uit de wetenschappelijke literatuur tot medio augustus.

5.2

Verspreiding van het coronavirus De wetenschappelijke literatuur stelt dat het coronavirus vooral verspreid wordt door direct contact met de grotere druppeltjes speekselvocht die door al besmette mensen ‘recht naar voren’ wordt uitgestoten en mogelijk ook via kleine druppeltjes (aerosolen) die gedurende enige tijd in de lucht kunnen blijven hangen. Bij activiteiten zoals zingen, lachen en harder praten worden meer grote en kleinere druppeltjes en daardoor meer coronavirusdeeltjes uitgestoten.

De bestudeerde literatuur laat zien dat het overgrote deel van de besmettingen plaatsvindt in binnenruimten. Buiten is volgens de literatuur de kans om met corona besmet te worden zeer klein. Slechts een enkele mogelijke casus van buitenbesmetting is aangetoond.
Verspreiding door aanraking van besmette oppervlakken is volgens de literatuur theoretisch mogelijk, maar speelt in de praktijk geen rol van betekenis in de overdracht van het virus.

Buiten- en binnenevenementen

Uit het bovenstaande leiden wij af dat:
• De kans om op buitenevenementen besmet te raken is zonder meer voldoende klein. Aanvullende maatregelen die de kans op besmettingen beperken lijken niet nodig.
• De kans om bij een binnen-evenement besmet te worden met het coronavirus is afhankelijk van een aantal factoren waaronder het aantal besmettelijke aanwezigen en de duur van de bijeenkomst maar is zonder aanvullende maatregelen reëel.
• Tot slot kunnen bezoekers van evenementen ook besmet raken tijdens de reis van en naar het evenement. Gelet op het minimale aantal besmettingen dat heeft plaatsgevonden in het OV, achten wij die kans beperkt. Meer onderzoek is echter nodig om hier beter zicht op te krijgen.

 

Risico van het coronavirus

Aanvankelijk werd ervoor gevreesd dat het Coronavirus een virus met zeer hoge mortaliteit zou zijn. Op het moment dat de WHO het virus tot een pandemie uitriep, benoemde de WHO daarbij dat het virus een overlijdenskans voor besmette patiënten van 3,4% zou hebben. Gekoppeld aan de zeer hoge infectiegraad die toen ook verwacht werd zou dit een zeer zware pandemie betekenen die veelvuldig vergeleken werd met de Spaanse griep uit 1918 die aan zo’n 40 miljoen mensen het leven koste.
Als snel bleek echter dat deze inschatting een zware overschatting van de werkelijke mortaliteit was doordat in de beginfase van de pandemie vooral de zwaarste gevallen getest werden op Covid-19 en een groot deel van de besmettingen asymptomatisch verloopt. 

Inschatting van het overlijdensrisico loopt thans voor met corona besmette mensen nog steeds uiteen, maar ligt binnen een waarde voor de hele bevolking van 0,2% - 1%, waarbij de meerderheid van de onderzoeken dichter bij de 0,2% dan de 1% uitkomt.
Overlijdensrisico corona.Cruciaal is echter dat binnen de bevolking grote individuele verschillen bestaan voor het overlijdensrisico. Het gemiddelde overlijdensrisico wordt sterk omhooggetrokken door ouderen met meerdere chronische ziektes die een aanzienlijk hogere kans hebben te overlijden aan Covid-19 wanneer zij besmet zijn dan jongeren. 
Kans op corona klein.Voor het overgrote deel van de Nederlandse bevolking (70 jaar en jonger, gezond) is de kans om door het coronavirus te overlijden na besmetting kleiner dan 1 op de honderdduizend. In het Nederlandse veiligheidsbeleid is een overlijdenskans van 1 op de honderdduizend per jaar de algemene norm voor het accepteren van risico’s.

• De kans om als gezonde bezoeker onder de zeventig van een willekeurig evenement te overlijden aan corona is kleiner dan de gebruikelijke Nederlandse norm daarvoor en zou daarmee acceptabel klein genoeg zijn.

Ziektelast corona Behalve de overlijdenskans is ook de ziektelast die corona met zich meebrengt relevant. Mensen met een coronabesmetting kunnen hier erg ziek van worden en ook na genezing nog lange tijd last van blijven houden. In hoeverre de gevolgen van een coronabesmetting verschillen van andere infectieziekten zoals griep is op basis van de huidige wetenschappelijke kennis nog niet te zeggen.  Betekenis buiten- en binnenevenementen  Uit het bovenstaande leiden wij af dat:

Mogelijke maatregelen en hun effect

Fysiek afstand houden: Evident is afstand houden een maatregel met positief effect die afhangt van de ventilatie, type activiteit, verblijfsduur, viruseigenschappen en kenmerken van de aanwezigen. De wetenschappelijke literatuur geeft geen bewijs dat de Nederlandse anderhalve meter regel effectief is: een belangrijk deel van het positieve effect geldt al bij afstanden onder een meter en in bijzondere binnen situaties kan mogelijk (al dan niet via aerosolen) de besmetting over een grotere afstand plaatsvinden.
Mondmaskers: Volgens de literatuur houden mondmaskers een deel van de virusdeeltjes tegen bij zowel inademing als uitademing. De literatuur is eenduidig dat mondmaskers geen significante bescherming bieden voor de drager, maar wel helpen om een besmet persoon minder virusdeeltjes te laten uitstoten. De mate van effect in de praktijk is onduidelijk. De literatuur geeft geen bewijs dat het dragen van een mondmasker leidt tot betere of minder goede naleving van andere coronamaatregelen.
Ventilatie: De literatuur laat zien dat voldoende goede ventilatie in binnenruimten besmetting via de aerosolroute kan voorkomen. Onder ventilatie verstaan we hier de verversing van lucht door buitenlucht of door recirculatie met reiniging van de aangezogen lucht.
Wat voldoende goede ventilatie is hangt onder andere af van de kenmerken van de ruimte en de activiteiten die er worden verricht. Hoewel de literatuur situaties beschrijft die voldoende goed geventileerd zijn zoals vliegtuigen, biedt de literatuur nog geen standaard berekening voor alle (activiteiten in) binnenruimten. Wel kan er met behulp van de algemeen geaccepteerde Wells-Riley methode voor binnenruimten een indicatie verkregen worden wat de besmettingskans is in binnenruimten waarbij meerdere parameters kunnen worden meegenomen zoals aantal al dan niet besmette personen, verblijfsduur en het ventilatieregime.
UV-straling: Uit de wetenschappelijke literatuur blijkt dat (gesimuleerd)zonlicht/UV-straling coronavirusdeeltjes binnen minuten onschadelijk kunnen maken. In de literatuur worden dan ook verschillende toepassingen besproken die werken op basis van UV-straling. Voorbeelden zijn UVC-batterijen in ventilatieroosters of UVC-lampen in speciale armaturen aan het plafond.

Betekenis buiten- en binnenevenementen
Uit het bovenstaande leiden wij af dat:
• Voor binnenevenementen zal ventilatie helpen om het risico te beperken, al dan niet in combinatie met toepassingen die werken op basis van UV-straling.
• Slechts ter herinnering: voor buitenevenementen is de kans op besmetting al voldoende klein en zien we in de literatuur geen harde aanwijzingen dat bepaalde maatregelen aantoonbaar effectief zouden zijn om transmissie van virus nog verder te beperken. 

Slotsom
Onze conclusie is dat op basis van de huidige wetenschappelijke literatuur:

Buitenevenementen niet leiden tot een onaanvaardbaar risico voor bezoekers of hun contacten. Simpelweg omdat buiten niet of nauwelijks besmettingen plaatsvinden.


Voor binnenevenementen is er een reële kans op besmetting, maar het risico bij een eventuele besmetting is beneden de gebruikelijke norm van een op de honderdduizend per jaar voor overlijden voor gezonde mensen onder de 70. We merken hierbij op dat het relatieve besmettingsrisico (ten opzichte van het aantal bezoekers) in een grote en goed geventileerde evenementlocatie kleiner is dan in de horeca. Daarmee is er een niet inhoudelijk te verklaren verschil in beleid tussen de horeca waar (terecht) een zeker besmettingsrisico wordt geaccepteerd en binnenevenementen.

Naast het individuele risico voor de bezoeker van binnenevenementen geldt natuurlijk ook dat de bezoeker van het evenement anderen kan besmetten waarmee de besmette bezoeker in contact komt. Ook hier is echter geen verschil met veel andere wel toegestane activiteiten. Theoretisch kan dit risico worden beperkt door bezoekers van evenementen.

test test